Golden keys from the space before form.
TEACHING #02
ANIMISME:
Alles leeft in relatie tot elkaar. Niets bestaat op zichzelf; het geheel draagt de delen en de delen dragen het geheel.
Rondreizend in de Dolomieten keerde ik volledig naar binnen. Een hectische tijd liet ik achter me: de lancering van mijn boek en event op 16 juni, en een volledige reorganisatie binnen The Club van mijn man. Het was te veel geweest. We waren beiden volledig aanwezig op onze eigen eilanden, hardwerkend aan onze individuele creaties.
Op een druilerige woensdagochtend vertrokken we, de auto volgeladen, Bowie in ons midden. Ik had nog een stapel antiform boeken weg te brengen naar de post voordat we écht konden vertrekken richting de Dolomieten. Een onbekende bestemming voor mij. Iemand die de hele wereld al is overgevlogen naar verre bestemmingen, luxe of primitief, het kan me niet schelen zolang het maar anders dan anders is. Dit was nieuw!
De Dolomieten trokken mijn aandacht. Of nou ja, de bergen en kristalheldere bergmeren. Dat was vreemd, ook voor mijn man. Waarom wilde ik ineens niet ver weg vliegen, zoals altijd? Ik kon het niet beredeneren, alleen hard maken op basis van een heel sterk gevoel.
En zo gingen we.
Stil naast elkaar hadden we zo’n 1.300 kilometer voor de boeg. Bowie gaf afleiding en onze gezamenlijke liefde voor haar zorgde voor verbinding op de kilometers asfalt die we moesten afleggen.
Na een eerste overnachting kwamen de bergen in zicht.
Nothing out of the ordinary so far.
Alles onderweg nam ik in me op als één grote puzzel. Het universum was met mij in gesprek over de afgelopen tijd, het nu en de toekomst. Als je goed oplet, kun je haar taal ontleden door de dingen die als synchroniciteiten op je pad komen. Ik ervaar het altijd als één grote ayahuascaceremonie. Echter hier heb je niets voor nodig behalve opperste oplettendheid en een open geest.
Het eind was in zicht, maar niet voordat we een grote bergpas over moesten.
Eerst de Gotthardtunnel, waarin ineens een superreële angst mij overviel dat Bowie uit de auto zou vallen omdat onze kofferbak midden in de tunnel open zou klappen. Ik raadpleegde ChatGPT. De kans werd geschat op ongeveer 0,000009%, maar ik was nog niet gerustgesteld.
We vlogen werkelijk voorbij Milaan. Ik zeg vlogen, want Bernard wilde onze nieuwe auto uitproberen en Milaan zoefde met 160 kilometer per uur aan me voorbij.
Ondertussen had ik het niet meer. Ik had het bloedheet en mijn hele lichaam was — zoals mijn moeder het zou zeggen — “in opperste staat van erectie”.
Ik vroeg Bernard langzamer te rijden en begon hem uit te leggen wat er in mij gebeurde; dat mijn angsten zich aan het opstapelen waren.
Eerst Bowie die uit de auto zou vallen.Toen de snelheid. Daarna de angst dat iemand verkeerd zou invoegen.
Mijn angsten zijn van mij, zo moet je weten. Ik ben niet gewend ze te bespreken. Ik los ze op met mijzelf, met het universum en een aantal dierbare therapeuten en vriendinnen.
Maar de dag ervoor waren we in The Valley of the Little Prince geweest. Die vallei had me al toegefluisterd om in het grootste juist het kleine te vinden. Om niet de King te zoeken, maar de Prince toe te laten.
Ik vertaalde dat naar het toelaten van kwetsbaarheid. Naar het omarmen van al mijn angsten.
De reis deed haar werk. Als een echte initiatie nodigde zij me uit om alles bespreekbaar te maken. Hart op het hakblok. Pure antiform. Nowhere to hide.
Bernard minderde nog meer vaart, checkte de kofferbak en verschoof de koffers. Alles oké.
Totdat die laatste bergpas genomen moest worden; bij de eerste bocht, met mij aan de zijde van het dal (lees: de afgrond!), ging alles in mij op slot. Het zweet brak me uit en ik zette mijn nagels in het dashboard van onze nieuwe auto.
SHIT, ik was het vergeten; ik heb fucking hoogtevrees! Hoe had ik in vredesnaam bedacht dat we naar de bergen moesten?
Enfin. Het zij zo. Ik had me over te geven. Ik zat immers in ceremonie met het universum. Ik kon er niet meer onderuit.
Bernard minderde nog meer vaart en ik ging ademen. De mantra ‘Ik ben veilig, Bowie is veilig, Bernard is veilig’ werkte voor de minuten die de bergpas nog duurde. Ik was blij dat we op onze 1e bestemming waren.
Maar what the hell was hier aan de hand?
Mijn zenuwstelsel was compleet in de overdrive geschoten en volledig alert. Ik kende mezelf hier totaal niet in; ik zag mezelf nooit als een angstig mens. I’ve got things under control. Maar misschien was dit juist de bedoeling. Misschien mocht juist die controle los.
Mijn zenuwstelsel vertelde me een oud verhaal. Een verhaal waarin ik mezelf had geleerd om mij te dragen, en iedereen en zijn moeder om mij heen. Pure controle, vermomd als zelfzekerheid.
Niets mis mee.Tot dit moment.
Tot het moment waarop ik had besloten dat alles antiform mocht worden; maskers af. In mijn business, mijn vriendschappen, mijn relatie…
Dít had ik niet zien aankomen.
Mijn zenuwstelsel leerde mij een belangrijke les, ze zei; “ik herhaal het bekende en ik zorg dat jij het bekende blijft doen, zodat ik gereguleerd blijf”.
Maar shit… juist dat bekende zorgde ervoor dat de nieuwe vorm, ná de antiform, niet kon ontstaan, aangezien mijn zenuwstelsel dat simpelweg niet zou toestaan. Ik zou haar letterlijk niet kunnen zien, omdat ik in een staat van alertheid leefde. Wat een mindfuck.
Ons zenuwstelsel loopt voortdurend achter de feiten aan.
De mantra ‘Ik ben veilig, Bowie is veilig, Bernard is veilig’ werkte vanaf dat moment niet meer; het was namelijk méér van hetzelfde. Mijn zenuwstelsel liet zich niet om de tuin leiden door een positieve mindset.
Ik mocht dieper kijken.
Zoals Einstein al zei: ‘No problem can be solved from the same level of consciousness that created it.’
En Joe Dispenza zegt: ‘The body becomes the mind.’
Beiden bleken pijnlijk waar.Ik zat er middenin.
We reden de dagen daarna steeds dieper de Dolomieten in en elke dag sprak ik hardop uit wat er in mij gebeurde. Langzaam kwam het besef dat ik mij maar zelden werkelijk liet dragen. Zo was ik opgegroeid. Zo kende mijn systeem het. Zelfredzaamheid was ongemerkt onderdeel geworden van mijn identiteit, totdat ik er schoon genoeg van had.
Ik besloot hoger de bergen in te gaan.
Op ruim 2.100 meter zag ik krachtige bomen waaien in de Alpenwind. Hun kruinen groot en weerbaar. Hun wortels diep en veerkrachtig. Deze reusachtige bomen werden gedragen door de bergen. Al het leven op die berg werd gedragen; van het kleinste mos tot de hoogste boom. Alles maakte onderdeel uit van één ecosysteem van wederzijdse afhankelijkheid, een netwerk waarin niets op zichzelf hoefde te bestaan.
Ik dook dieper de materie in en ontdekte iets heel bijzonders. De Dolomieten waren zo’n 350 miljoen jaar geleden geen bergen, maar diepe koraalriffen; ooit was hier een zee.
Can you believe it? We liepen gewoon over de zeebodem.
Ik kon het niet geloven. Hoe groots is de grandeur van Moeder Natuur, haar lifeforce en haar intense vermogen om miljoenen jaren lang steeds weer terug te keren naar equilibrium.
En ik liep daar als mens over de ruggen van giganten, at mijn pastaatje in haar valleien, liet Bowie in haar meren zwemmen en we vierden de liefde in de uitgestrektheid van haar natuur…
Dat zij mij ooit zou laten vallen, is een illusie.
Ik werd hier een partij fucking gedragen. Ze liet het me ieder moment voelen.
De bergen lieten zich lezen als een boek. Elke dag kwam ik meer te weten over hen, maar ook over mijzelf. De mensen die hier duizenden jaren leefden, nog vóór religie bestond, leefden volgens het animisme; de verbondenheid der dingen.
Zo verdient alles eerbied en respect, omdat alles leeft in relatie met elkaar.
Wij mensen zijn onderdeel van een veel groter ecosysteem waarin alles met elkaar in relatie leeft. Zelfs de kosmos is onderdeel, want uiteindelijk zijn wij allemaal sterrenstof. En misschien nog wonderlijker: ook ons eigen lichaam is een ecosysteem. Miljarden cellen leven niet voor zichzelf, maar in voortdurende relatie met elkaar. Hetzelfde organiserende principe dat de bergen draagt, draagt ook ons.
Het bracht me terug naar één van de laatste dagen vóór onze vakantie, toen ik leerde over de wonderlijke stamcellen in ons beenmerg, diep verscholen in onze botten. Deze cellen zijn nog ongespecialiseerd en dragen een enorme potentie in zich. Pas wanneer het lichaam ergens om vraagt, ontwikkelen zij zich verder tot de cellen die op dat moment nodig zijn, om zo voortdurend bij te dragen aan het herstel en het evenwicht van het geheel.
Ons lichaam zélf leeft volledig volgens het animisme. Is dat niet geweldig? Het hele lichaam is gebouwd om te dragen.
Hoe kon ik ooit denken dat ík alles altijd zelf droeg? Dat was pure coping. En het had me ontzettend veel opgeleverd… Until it didn’t.
—
Terug naar the antiform als de bakermat van creatie. Dan moeten we kijken naar het zenuwstelsel. Dat is onvermijdelijk.
Want als het zenuwstelsel alles vasthoudt aan het oude, het vertrouwde, kunnen we nooit creëren wat groter is dan onszelf. Dan zullen we onze woorden blijven verkleinen, onze energie blijven inhouden en letterlijk niet kunnen groeien, omdat we alles zélf willen blijven dragen vanuit controle — in mijn geval.
Want het zenuwstelsel organiseert vanuit geheugen.
Het leven organiseert vanuit potentie.
Werkelijke groei na antiform hebben we te monitoren vanuit the observer point of view; the One achter de illusie. Degene die losstaat van identiteit. De bron in jou, los van karakter, wens of verlangen.
Die is altijd vrij. En heeft altijd de mogelijkheid om te kiezen tussen herhaling en vernieuwing, mits je bereid bent te luisteren naar zowel het kleine als het grote, en durft te vertragen midden in de storm…
Of naar beneden durft te kijken wanneer je hoog op een klif staat.
Meer over the Observer point of view in de 3e teaching binnen deze serie.
EXTRA TEACHING:
De natuur draagt ons niet. Wij zijn een expressie van dezelfde natuur die zichzelf voortdurend draagt en vernieuwt.
Predictive Intelligence vs. Life Intelligence
Tijdens mijn reis in de Dolomieten werd mij iets fundamenteels duidelijk. Ons zenuwstelsel en het leven organiseren zich niet volgens hetzelfde principe.
Het zenuwstelsel is ontworpen om te overleven. Het organiseert zich vanuit geheugen. Het zoekt herkenning, voorspelt wat er gaat gebeuren en herhaalt wat eerder veiligheid bracht.
Het leven zelf lijkt volgens een ander principe te bewegen. Niet vanuit herhaling, controle of voorspelling, maar vanuit potentie, mogelijkheid en evolutie.
Dat betekent niet dat het zenuwstelsel verkeerd is. Het betekent wel dat een visionair iets bijzonders heeft te leren, namelijk; onderscheid maken tussen de intelligentie die wil beschermen en de intelligentie die wil creëren.
| Predictive Intelligence | Life Intelligence |
| organiseert vanuit geheugen | organiseert vanuit potentie |
| zoekt herkenning | ontvangt mogelijkheid |
| voorspelt | laat ontstaan |
| beschermt continuïteit | dient evolutie |
| reageert | schept |
| organiseert vanuit wat bekend is | organiseert vanuit wat nog niet bestaat |
| verleden | potentie |
Wanneer ons leven volledig wordt georganiseerd door het geheugen van het zenuwstelsel, zullen we vooral herhalen wat we al kennen.
Wanneer we leren luisteren naar de intelligentie van het leven zelf, ontstaat er ruimte voor iets wat nog niet eerder heeft bestaan.
Your vision isn’t asking you to become smarter. It’s asking your nervous system to become spacious enough to hold a greater reality.
Wat prachtig omschreven Noëlla en wat een reis 😅 Wat zijn we toch wonderlijke wezens, onderdeel van moeder natuur en verbonden met alles wat leeft.
Door me hiervan bewust te zijn, stap ik uit de controle en geef ik me over aan mijn ware natuur 🤍
Dank je wel voor het delen 🙏
What an epiphany!
Dank je wel voor je moed om je verhaal te delen Noëlla!
Ik geniet ook van de mooie Alpen en schone meren op dit moment.
Tot gauw!